maandag 30 maart 2009

Shit!


Vooraf aan dit verhaal even een waarschuwing; mensen boven de 30 jaar oud wordt afgeraden verder te lezen. Dit verhaal is gebaseerd op feiten, waar ik persoonlijk (helaas) niks aan kan veranderen.

Vrijdagavond kwam ik thuis en het was een vrolijk feest in huize Scott str. Mensen dronken bier, muziek stond aan, en sommigen schreeuwden wat Duits in de rondte (een van de specialiteiten van Philip). Na al deze herrie besloot het volk om de stad in te trekken per taxi. Ik besloot om thuis te blijven, aangezien ik redelijk gaar was van de vorige avonden. Toen de rust wedergekeerd was in ons optrekje, besloot ik het op een slaapje te wagen. Rond een uur of heel erg diep in de nacht werd ik wakker van mensen die al schreeuwend door de voordeur naar binnen kwamen (Philip). Na weer half in slaap gevallen te zijn, werd ik wakker van geschreeuw in mijn kamer (3x raden..) en zag ook dat Beatrice op Freeks bed lag. Ik snapte niet echt wat ze daar deed, maar maakte me verder ook niet veel uit. Philip vond het allemaal wel grappig en probeerde bij Beatrice op bed te springen, waarop Beatrice weer een gilsalvo opzette. Nou ben ik best in voor een poppenkast, maar dit soort taverelen op dit tijdstip en met dit volume werd mij toch iets te gortig en ik verzocht Philip dan ook vriendelijk om in de woonkamer te gaan springen en schreeuwen. Beatrice zelf leek het allemaal niet zo te snappen, want volgens mij had ze ook geen enkel benul dat ze in het verkeerde bed lag.

Ik viel weer lekker in slaap en werd de volgende ochtend wakker. Ik wreef rustig de slaap uit mijn ogen en nam een retourtje toilet, om vervolgens weer op bed neer te ploffen en op mijn telefoon te kijken hoe laat het was. Terwijl ik keek hoe laat het was rook ik een raar luchtje. In eerste instantie dacht ik dat het om een vrij penetrante slaaplucht van Beatrice ging, maar toen ik het licht aan deed, zag ik op het nachtkastje van Freek niks minder dan een mooie, ronde, redelijk hoge, schuin afgesneden, stinkende, verse, natte hoop stront. Ik kon mezelf een paar seconden niet bewegen, laat staan schreeuwen om hulp. Na deze seconden (die wel uren leken te duren) rende ik al gillend naar de kluisjes om mijn camera te pakken. Terwijl ik de nodige foto's aan het maken was kwam de rest kijken wat er aan de hand was, en werd ook Beatrice wakker. Er lag pis op de grond, poep in het dekbed en op het nachtkastje het pronkstuk: de stronthoop zelfe.

Je kon aan de gezichten zien dat iedereen in shock was, en de meest wilde verhalen kwamen naar boven. Zelf dacht ik eerst dat Philip het gedaan had, aangezien wij de enigen waren die er de lol wel van inzagen, en ik zeker wist dat ik het niet was. Ik was immers ook nuchter, in grote tegenstelling tot de rest.

Nadat ik het nachtkastje midden in de woonkamer had gezet onder het mom van een echte kunstenaar houdt van zijn werk en er vanuit gaande dat de eigenaar de boel ook wel schoon zou maken, besloot ik even een tijltje met heet water en zeep over de slaapkamervloer te gooien, om deze een beetje schoon te krijgen. Ondertussen kwamen de wilde verhalen naar boven: "ja misschien was het wel een teken van de inbreker". Leek mij vrij sterk aangezien mijn iPod een kleine 2 meter verderop op mijn nachtkastje lag. En het verhaal dat hij het door het raam (dat open stond) naar binnen gegooid zou hebben sloeg al helemaal nergens op. Terwijl iedereen nog druk aan het speculeren was, kleedde ik me om om te gaan surfen. Onderweg in de auto zat ik er nog aan te denken hoe bizar het was dat er 's nachts gewoon iemand praktisch naast mij hoofd heeft zitten kakken. Stefan Wientjes zou zeggen; Koning, Keizer, Admiraal, poepen moeten we allemaal.

Na Johannes, Maartje en Henrika opgehaald te hebben reden we naar het strand. Het was de eerste keer surfen voor de meiden, dus we gaven ze eerst even wat uitleg op het strand. Hoe je op je board komt, en wat je vooral niet moet doen (het board voor je houden als er een golf aan komt..) Bij het aantrekken van de wetsuites werd er nog zo gezegd: rits aan de achterrrrrkant, maar goed, het woord achterkant kan natuurlijk op vele manier geinterpreteerd worden. De golfen waren afgelopen zaterdag erg raar, het was elke keer 5 minuten compleet plat, en dan kwamen er in 1x een stuk of vijf goeie 3 a 4 meter hoge golven aan. Wanneer het plat was lag iedereen een beetje op de boards met elkaar te ouwehoeren. Zodra er beweging aan kwam in de verte draaide je je om, om te wachten op een van de golven. Wanneer je een goeie ziet aankomen begin je als een gek te crawlen en als je voelt dat je door de golf vooruit geduwd wordt spring je op je board en laat je jezelf met een big smile door die golf glijden. Zaterdag was voor mij de eerste keer dat ik het tot aan de branding vol hield te blijven staan, waardoor je jezelf toch wel even gaaf voelt. Henrika ging het iets minder goed af, maar het was dan ook haar eerste keer. Toen ik in een golf naast me keek, zag ik een leeg board voorbij komen, met daar achteraan al gillend en proestend Henrika, die door het lijntje waarmee je aan je board zit, werd meegesleurd. Oefening baart kunst.

Eenmaal thuis aangekomen was het tijd om snel om te douchen, en met lange broek en blouse op weg te gaan naar Mount Nelson. Een gigantisch 5* hotel, met een grote tuin en allerlei luxe dingen. We gingen daar met zijn allen high tea'en, als cadeau voor Jolijns verjaardag. Leuk! Niemand van de jongens voelde zich echt op hun gemak tussen al het cricketvolk met hun smetteloze witte kleding en mooie schoentjes. Gelukkig hadden wij gewoon onze slippers aangedaan, wat nog enige frisse lucht gaf tussen de tenen (30 graden in een lange broek is niet grappig). Het eten was bijzonder goed, en zodra de chocoladetaart opwas, kwam er gewoon weer een nieuwe aan. Tijdens het eten werd er natuurlijk maar over 1 onderwerp gesproken: de drol. Tot groot genoegen van de mensen in onze directe omgeving.

Als CSI Capetown gingen we te werk om de hele situatie te recronstrueren. Ik vertelde dat ik de drol had ontleed en dat ik een boon had gevonden, dus ik vroeg wie er bonen had gegeten. Gelukkig ging Beatrice hier volledig serieus op in, en zei met enigzins genoegen dat ze geen bonen had gegeten en het dus ook niet kon zijn. Nadat iedereen bijgekomen was van het lachen bleven er 2 verdachten over, Philip en Beatrice. Toen ik me realiseerde dat ik Philip de kamer uitgeschopt had, nadat hij 5 minuten had lopen draken, bleef er nog 1 iemand over. Beatrice ontkende echter bij hoog en laag, maar aangezien ze de avond zelf al nauwlijks meer wist te herinneren, had ze de grootste kans om zichzelf de trotste eigenaar van de hoop stront te mogen noemen. Overigens was er zichtbaar urine op de drol te zien bij het moment van de ontdekking, en het lijkt mij lichamelijk gezien onmogelijk voor een jongen om dit te bewerkstelligen. Tot zover de details.

Toen we zaterdagavond uit gingen vond ik het meer dan grappig om het nachtkastje (incl.) voor de poort te zetten, zodat zodra er mensen thuis kwamen, ze eerst door een gigantische muur van vliegen en stank moesten lopen. Ik wist op dat moment overigens nog niet dat Rike's vader de volgende dag zou komen. Nadat we een stapje gewaagd hadden in het centrum van de City Bowl was het tijd om te gaan slapen en de volgende dag weer te gaan surfen.

Bij de stoplichten staan altijd bedelaars te, inderdaad, bedelen. Nou kwamen we aan bij een stoplicht waar 2 mannen om hun plekje aan het vechten waren. De een had een bord met daarop iets geschreven, de ander had een pet. Toen ze zagen dat er auto's aankwamen vergaten ze elkaar, en renden naar de auto's. De meeste bedelaars blijven echt aan je raam kleven en zeuren tot het groen wordt, maar in dit geval maakte we de bedelaar even attent op het feit dat hij zijn bord verkeerd omhield, en toen we vervolgens ook duidelijk maakte dat er bij ons geen geld te halen viel, ging hij snel naar de andere auto's. De golven waren minder dan de dag ervoor, maar gelukkig hadden we een poolparty in Mowbray in het vooruitzicht. De party was gezellig, vooral de bommetjes van Freek en Joe bevielen Lukas goed, die in zijn kleren aan de kant zat. Ik ben helaas nog niet achter het marinade recept van Freek, maar gezien de hoeveelheid chloor die hij over zijn vlees spatte zal er wel enige systematiek in zitten.

Toen ik thuis kwam lag de drol gelukkig gewoon nog netjes op zijn tafeltje, en ik vermoed dat hij daar dan ook nog wel even blijft liggen. Ik houd jullie op de hoogte.

donderdag 26 maart 2009

Freddie Kruger National Park





Afgelopen vrijdag werd Jolijn 22 jaar, goede reden om een braai te geven. Donderdagavond werd de braai aangeslingerd door de “braaimasters”, zoals die schitterende functie genoemd wordt. Eigenlijk gewoon een excuus voor de jongens om met vuur te spelen. Nadat de kolen heet genoeg waren en de muziek hard genoeg door de straat galmde werd het vlees op het vuur gelegd en lekker gegeten onder het genot van een drankje, en nog een. Tegen 12 uur was het dan zover voor Jolijn en er werden vrolijk cadeautjes uitgedeeld, onder andere door Bert, de vriend van Jolijn, die voor een week overgekomen is. Ik zat natuurlijk vol verwachting op Bert te wachten, maar mijn verbeelding van een man met streepjes trui en een toefje haar op zijn hoofd die gek is van duiven kwam helaas niet uit. Bert is een Belg met een snor, en lacht niet zoals een Bert hoort te lachen. Op gegeven moment was er voor Luuk genoeg gefeest want de volgende ochtend (paar uur later) moest er gereden worden naar het vliegveld. Sommigen besloten om heel de nacht wakker te blijven, maar dat ging mij even iets te ver, en besloot om verstandig naar bed te gaan (ik probeer nu even punten scoren bij mijn moeder). Vrijdagochtend vlogen we dus naar Johannesburg om daar te zien dat het water met bakken uit de hemel kwam. Nu is het weer in Jo’burg in vergelijking met Cape Town in deze tijd van het jaar sowieso al een wereld van verschil, maar hier zaten we niet echt op te wachten. Na een rit van 6 uur kwamen we aan bij ons verblijf, en deden we eerst een korte avond/nacht safari. Met grote lampen (doorsnee dinerbord) zochten we naar dieren in het afrikaanse landschap. De meeste lieten het helaas afweten in verband met de regen.
Daarna werd ons verblijf geshowed, in een park naast Kruger met een oppervlakte waar je gemakkelijk een dag rond kan dwalen. Sommige sliepen in boomhutten waar je met een trap een meter of 5 omhoog ging. Wij (Paul, Cahal, Stefan en Lieutenant Dan) sliepen in een Vietnamachtige bamboe hut met balkon achter in het park, die zo’n 5 meter boven een rivier uitstak. Het was een kleine 10 minuten lopen naar onze hut, mits je in 1x goed liep. ‘s Avonds voor dat ik ging slapen, ging ik nog even vanaf het balkon de plantjes water geven. Je zit in the middle of nowhere en hoort de meest rare geluiden om je heen. In Nederland herken je nog wel of het een duif of een hond is, maar hier kan je er echt geen wijs uit, en het is dan ook overal. Als je dan vervolgens ook nog dingen onder je het water in hoort glijden en plonzen, weet je zeker dat je niet in Brugers Zoo zit en is het tijd om je gieter af te knijpen en snel naar binnen te gaan. Als je boven je keek zag je een sterrenhemel waar je u tegen zegt. Pikke donker om je heen, en terwijl ik zo aan het kijken was heb ik zo ‘n 5 vallende sterren gezien. Slapen deden we onder een mosquito net met gaten en ducktape..tijdens mijn verblijf in Kruger heb ik geen enkele mug gezien heb. Waarschijnlijk lag dat aan het gigantische aantal spinnenwebben die er hingen, met spinnen die zo groot waren als een flinke sleutelbos. De spinneraggen zaten dan ook in je haren, op je tas en waar je het maar kan bedenken. Gelukkig hadden wij Luitenant Dan, onze soldaat die nu medicijnen studeert. Hij ging de volgende ochtend onverschrikt voorop richting het ontbijt en sloeg zich een weg door de spinnenwebben. Nadat we een tijdje aan het wandelen waren begonnen we ons af te vragen waar de andere hutten waren. De vorige dag, toen ze onze slaapplekken wezen, lagen de hutten redelijk dicht bij elkaar. Na 15 minuten gelopen te hebben was het voor ons toch wel duidelijk dat we niet helemaal de goede weg genomen hadden. Toch jammer dat onze soldaat “ein kleine fehler gemacht hat”. Onderweg op onze toch naar het ontbijt kwamen we wel wilde dieren tegen, zoals Kudu’s en eeh, ja dat was het volgens mij wel. Ook kwamen we een vervallen survivalbaan tegen. Ik wilde maar al te graag met de touwbrug het water oversteken. Maar toen ik er eenmaal opstond zag ik dat de tussen elke touw een spin met een spinnenweb hing. Uit respect voor de natuur ben ik er toen maar niet overheen gelopen. Nadat we bij de ingangspoort van het park uitkwamen wisten we dat het nog maar 1km lopen was naar onze gebakken eitjes met spek en gegrilde tomaat.
Na het ontbijt gingen we in safari jeeps het Krugerpark in, op weg om The Big 5 te spotten (Buffel, Neushoorn, Olifant, Leopard en Leeuw). Buffels, olifanten en leeuwen worden altijd wel gespot, maar de kans om een leopard te spotten is bijzonder klein. Het begon voor ons goed toen we voor de hekken van het park (dat iets van even groot is als Nederland, dacht ik) een olifant voorbij zagen banjeren. Eenmaal in het park werden de giraffen, gnoes, zebras’, waterbokken en antilopen om je oren gesmeten. Het weer was echt super goed, al maakte dat de dieren wel lui, waardoor ze in de schaduw gingen hangen. We reden over de stoffige wegen door het landschap toen we gestopt werden door een tegenligger, die vertelde dat er 5km verderop leopards gespot waren in een boom. Na een eind gereden te hebben kwamen we bij een boom aan waar een staart omlaag hing. 15 meter van de weg lag een leopard op een tak. Onze guide vertelde ons dat er een aantal meters verderop leeuwen in het gras lagen, een van de vijanden van de leopard. Aangezien dit de enige grote boom in de omgeving was, hij hij weinig keuze dan rustig te blijven wachten tot de leeuwen weggingen. Het zien van de leopard betekende dat we alle Big 5 gezien hadden op de eerste dag, iets wat vrij bijzonder is. Toen we terug gingen en we vlakbij het hek waren bleek er nog een mannetjes leeuw te liggen, langs een pad waar we eigenlijk niet opmochten. Gelukkig is de guide een echte Afrikaan, dus regels zijn er om aangepast te worden. 2 minuten later zaten we oog in oog met een grote leeuw die een beetje in de zon lag te chillen. Dit maakte de eerste dag helemaal compleet, en vol genoegen reden we terug naar ons verblijf.
Op ons verblijf was ook een bar, dus na het eten werd en een biertje of wijntje gedronken rond het kampvuurtje. Sommige mensen konden het niet laten om het vuur wat op te stoken tot vlammen die met recht een kampvuur genoemd mochten worden. Niemand had helaas zijn gitaar bij zich (gelukkig) en we besloten het dan maar op luchtgitaar te houden, waarop Stefan inhaakte met zijn airkeyboard, Freek op de airdrums, Paul op de bas en Dan op de saxofoon. Het was de bedoeling dat onze Zwitserse vriend Lukas de zang op zich nam, maar hij kende geen liedjes die hij kon playbacken en had tevens last van zijn keel. Op een gegeven moment vonden Stefan en ik het wel genoeg geweest en gingen we op weg naar onze hut. Na een tijdje gelopen te hebben kregen we toch wel een beetje een raar gevoel. Het was pikke donker en we herkenden de omgeving niet echt meer. Nadat er wat grote dieren voor ons weggesprongen waren kwamen we uit bij een veldje. Toen we hier omhoog keken zagen we weer de schitterende sterrenhemel. Na hier even van genoten te hebben schenen we met de zaklamp om ons heen om een pad te vinden. Toen Stefan omzich heen scheen zagen we overal in de bosjes glimmende ogen. De een 30 cm van de grond, de andere 1,5 meter. Dit was voor ons een mooi moment om in een toch wel zeer snelle wandelpas terug te gaan naar het kamp. Daar aangekomen vertelde Kristel dat ze de weg wel wist, en onder een gemompel van hmm vrouwen..weg weten mrrmpm orientatie..bleek ze wel gelijk te hebben en kwamen we uiteindelijk uit bij onze hut. De eerste keer dat we er binnen 10 minuten waren.
De volgende dag safari begon met een douche. Terwijl ik onder mijn douche stond te verkleumen (iiijskoud) zag ik de stoom van Stefans douche over mijn muur heen komen..die van hem was dan weer zo heet dat hij er niet onder kon staan. Deze dag was voor ons wat saaier, omdat we eigenlijk alles al wel gezien hadden. Gelukkig waren en nog cheeta’s die voor opwekking zorgde. Giraffes kan je na een tijdje niet meer aanzien (die beesten kijken misschien nog wel dommer dan pinguins), en van zebrastrepen wordt je alleen maar duizelig. Gelukkig hadden we tijdens de rit Stefan bij ons, die op een ongekende zuivere toon Britney Spears met “I’m not a girl, not yet a woman” ten gehore bracht, waarna de meesten inhaakten en uit volle borst meezongen.

Maandags gingen we terug naar Jo’burg, maar niet zonder langs de grootste groene canyon ter wereld te rijden. Het uitzicht was echt echt mooi, je ziet de vogels onder je rondcirkelen, terwijl zij normaal op jou neer kijken. Onder in het dal stroomde een rivier, en overal waren de meest rare rotsen. Paul en ik waren he ter wel over eens dat we hier nog best een dag konden blijven, maar het bleef helaas maar bij een half uur. Na de canyon reden we richting het vliegveld, en 8 uur later vlogen we met een shitload aan foto’s, filmpjes en spinneraggen terug naar het mooie Cape Town.

dinsdag 17 maart 2009

Burn Devil, Burn



Even een update van een doorsnee werkdag in Cape Town. Tevens een mogelijkheid voor mij om de klacht van Freek (kamergenoot) te behandelen. Ik had gezegd dat ik om 7uur begon, maar hij beweert bij hoog en laag dat ik dan altijd nog gewoon in mijn bed lig. Dus gisterochtend iets later dan 7uur ging ik naar mijn werk. Zoals gewoonlijk staat de file aan de andere kant van de weg (de stad in), dus na een paar keer vrolijk toeteren en zwaaien naar de andere kant van de weg had ik mijn ochtendlol weer gehad. Eenmaal op mijn werk, meteen een lekker koud glaasje water gepakt uit het 1 dag oude auqa-barrel ding (in Nederland zie je ze overal, hier is het een luxe). Er zit gelukkig ook een hotwater-tap op, dus toen Irshad (mijn baas) thee wilde maken kon hij mooi heet water uit de tap gebruiken. De stoom kwam er vanaf, maar ik vroeg hem toch of het water wel echt heet was. Hij nam een slok en rende naar de kraan om zijn mond te blussen, dus ik ging er maar vanuit dat het een ja was en ging aan de slag.

Volgende week is er in Basel een van de grootste juweliersbeursen van de wereld, dus men is hier in rep en roer om alles optijd af te krijgen. Ik herken het wel van Spyker (vorige stage), toen men de auto's af moest bouwen voor Geneve. Alles staat in het teken voor de beurs, en alle andere taken laten ze direct vallen. Het meten van doorlooptijden voor mijn project loopt daardoor waarschijnlijk wat vertraging op, maar dat is te begrijpen gezien het belang van de beurs voor Hot Platinum.

Na een zware dag werken besloot ik aan het eind van de middag maar eens op huis aan te gaan. Het moment dat je je pc uitzet tot het moment dat je in de auto zit duurt zo 'n 20 minuten aangezien je eerst afscheid moet nemen door iedereen op zijn eigen manier een hand tegeven. Het heeft me serieus 2 weken gekost voor ik ze allemaal onder de knie had. Vooral Gilbert (Big 6th) denkt grappig te zijn door nu en dan iets totaal anders te doen, en dan MIJ aan te kijken van jonge je verpest het weer he. Om vervolgens wat te ouwehoeren over black and white people (Big 6th komt altijd met verhalen als "You go to sunbath? Don't get burned, take is easy, took me also a few years to get this black mang".)

Na wat gekookt te hebben (noodles uit een zakje, sorry) ben ik naar The Dubliner gegaan. Het was St. Patty's day dus de rest zei dat het feest daar redelijk on zou zijn. Kom ik daar aan, staat iedereen een beetje mee te zingen op Hey Jude en dergelijke. Ik kan me daar prima een uur mee vermaken, maar gezien de drukte stond ik de hele tijd naast Stefan, en als die vent in je oor staat mee te blaffen ben je na 20 minuten weg.

Op naar Villa Bianca om Rosanne op te halen om naar de bios te gaan. De film, Confessions of a shopaholic, is werkelijk een aanrader. Echt. Ik lieg niet.....Nadat ik wat bijgeslapen had, wilden we richting huis gaan. Rond half 1 liepen we de bios uit, en roken we een rare lucht in het shoppingmall. Eenmaal buiten was het redelijk mistig, maar we zagen geen vuur alhoewel het er wel naar rook. We hielden het er maar op dat er vuurwerk was afgestoken voor St. Patricks Day.

Als je dan, na een aantal kilometer door het centrum gereden te hebben, nog steeds in de mist rijdt begin je wel te twijfelen. Op een gegeven moment zei Rosanne: WOW IK ZAG VUUR. Door de gebouwen konden we verder niks zien dus ik geloofde het allemaal wel. Toen we verder de weg op reden zagen we dat de hele hemel boven Tablemountain en Devil's Peak rood was. Na wat verder gereden te hebben zagen we dat de hele Devil's Peak in brand stond. Een grote krans van vuur vrat zich naar beneden de berg af. Ik snel Philip, Rike en Jonah thuis opgehaald, en met de camera's richting de Devil gereden. Op een gegeven moment werden we tegen gehouden door de politie, maar via wat omwegen konden we toch bij de brandweerwagens komen (of dit slim is houden we maar even in het midden). Het vuur had bijna de M3 bereikt, en tot aan die weg lieten ze het ook gewoon door branden. We konden zo dicht bij de vlammen komen dat je gewoon niet verder kon door de hitte. Het waaide erg hard (South-Eastern seizoen, superharde windstoten) en het vuur verspreidde zich dan ook als een malle. Na weer Philip en consorten thuis afgezet te hebben en Rosanne naar Villa Bianca gebracht te hebben, wilde ik toch nog even een kijkje gaan nemen (pyromaan!). Ik reed naar de Temple Towers, 3 grote flats onderaan Tablemountain aan de kant van Devil's Peak. Eenmaal aangekomen werd ik achtervolgd door een gigantische slinger politiewagens die het bovenste deel van de wijk Oranjezicht ging ontruimen. Na een tijdje gekeken te hebben hoe de vlammen om zich heen sloegen (en mensen met koffertjes naar hun auto's en terug naar binnen renden) vond ik het wel mooi geweest en had het ramptoerist gedeelte in mij genoeg voldoening. Op dat moment werd de situatie ook echt kritisch en begonnen mensen te rennen omdat de vlammen op weg waren naar de gebouwen. Op de foto's ziet er het altijd minder indrukwekkend uit, maar ik kan je vertellen dat als de lucht boven berg als Tablemountain volledig roodgloeit, en je vanaf de andere kant van de City Bowl de Devil in brand ziet staan, dat het er wel redelijk indrukwekkend uitziet.

"Fire engines had to fight through fleeing cars to get near the flames, as police vehicles drove up and down streets calling for people to evacuate their homes.

As the police cordoned off streets, groups of people huddled together, watching the chaos and wondering what to do next.

There was panic in Chelmsford Road as residents fled on foot and in their cars, while above their heads the flames licked the area around the base of The Towers.

The fire in Vredehoek seems under control, with firefighters dousing stumps and glowing embers to prevent any flames from starting up again.

The air is thick with uncertainty and smoke as some residents return home, while the fire can still be seen on the slopes of Devil's Peak and Table Mountain."
Bron: IOL News

Vervolgens kom ik thuis en hoor ik van de anderen dat toen zij thuis kwamen, ze de inbreker gezien hadden. Deze sloeg op de vlucht en ging er met een wachtende auto aan de achterkant van het huis van door..het is dat ik op dat moment al redelijk moe was, anders zou je er bijna moe van worden..

Ik zit dus inderdaad nog steeds op een dag te wachten dat ik me verveel hier.

PS: Tweede foto heb ik van een nieuwssite, maar het geeft wel een mooi beeld hoe de vlammen op de berg boven de stad uitsloegen. Links in de rook zie je als het goed is een flatgebouw,Gardens Center, onderaan dat gebouw ligt Scott. str.

maandag 16 maart 2009

Burglary update




Allereerst even een aantal huishoudelijke mededelingen. Ik krijg regelmatig klachten over het aantal spelfouten op mijn blog, iets wat men van mij natuurlijk niet gewend is. Nou is het zo dat ik de verhalen eerst in Word typ. En Word in Afrika heeft engelse spellingscontrole, dus soms past hij het automatisch aan. En ik moet zeggen dat als je hier elke dag een inbreker over je dak hebt lopen, je je echt niet druk gaat maken om d’tjes en t’tjes.
Verder, wil je een reactie plaatsen en het lukt niet? Gewoon uit het lijstje anoniem kiezen, en dan onderaan je bericht even neerzetten van wie het is. Dan komt dat ook goed.

Vorige week donderdag vertelde Rike (huisgenoot) mij dat er in de ochtend een inbreker bij ons thuis gepakt is. Nou gaat dat tegenwoordig via sms en mail snel de rondte, en ontstaan er 7 verschillende verhalen. Voor zover ik het nou begrepen heb is het volgende gebeurd; De schoonmaakster ging de vuilnis buiten zetten, vergat daarbij het hek achter haar dicht te doen (5 meter van het hek naar de vuilnis op straat) en achter haar langs moet er toen iemand naar binnen geglipt zijn. Ze liep terug de woning in en zag in haar ooghoek iets bewegen in een van de kamers. Ze is toen naar de achterkant van het huis gerend, en heeft zichzelf daar buitengesloten. In paniek belde ze de politie, Reg (de huisbaas) en haar zus, om haar te vertellen dat ze heel veel van haar kinderen en haar man houdt..Tussen het bellen door hoorde ze dat er inmiddels meer mensen in de kamer waren, en er ontstond ruzie. Toen Reg en de tuinman aankwamen vonden ze 3 zwarte mannen in de kamer. Twee stonden er en 1 werd “gevangen” gehouden. De twee staande jongens bleken de overburen te zijn. (huis aan de overkant is een soort van “hostel” met elke week 10 nieuwe mensen, redelijk vage bedoening). De jongens zeiden dat ze de man door het hek naar binnen hadden zien glippen en waren er achteraan gegaan. Toen de man binnen was en de andere 2 zag aankomen, rende hij naar buiten om er vandoor te gaan. Tijdens het rennen had hij volgens de 2 jongens wat weggegooid. De overburen tackleden de man en brachten hem terug naar binnen bij ons. Reg hoorde dit verhaal aan en besloot de politie nog maar es te bellen hoe het zat (zwarten en spoed..). De politie kwam een half uur later gelukkig ook langs. en nam alle verhalen op. Ze zouden controleren of de gevangen man al een dossier had, in dat geval is hij de pineut. Je weet hier echter nooit hoe de vork in de steel zit, omdat de 2 andere mannen een complot hebben kunnen vormen. Of dat ze alle 3 bij elkaar horen. Reg had vele theorien (hij is ex nam-soldaat, dus de geloofwaardigheid van de theorien verschilde nogal), maar duidelijk is dat je nooit weet hoe het zit.

Verder laaide ook de discussie met Reg weer op over het hek aan de achterkant van het huis. De inbreker die we snachts horen (is niet degene die gepakt is) komt nog steeds zo ‘n 5x per week langs. Ik wist dan ook zeker dat hij op zondagavond weer een poging ging wagen. En inderdaad, om 1 uur gisteravond hoorde Freek en ik iemand op het schuurtje bij de buren (vanaf daar kan je ons dak op). Om er zeker van te zijn liepen we naar Sonja en Beatrice, en die hadden het ook gehoord. Je wordt er onderhand een beetje moe van. Ik ben dan ook maar wat uit mn raam gaan schreeuwen in de hoop dat hij eindelijk een keer oprot. Reg beweert dat het hek goed en hoog genoeg is, maar ik denk dat hij die inbrekers redelijk onderschat.

Mijn toilettas (stond op mn nachtkastje voor het raam) is van de week voor de helft leeg gehaald. Parfum endergelijke zijn er vandoor, verder niks bijzonders. Ik hoop dat hij het overdag gedaan heeft, want anders is het wel een rare gedachte dat iemand met zijn arm naast je hoofd je spullen aan het jatten is.

Van het weekend weer wezen surfen, en vervolgens naar de Stormers geweest (Rugby). Ze moesten dit keer tegen de Lions (Jo’burg) en de sfeert was wel even wat anders dan normaal. Constant vechtpartijtjes op het veld en het publiek werd goed gek. De Lions stonden op een gegeven moment voor met 10 – 18, maar daarna werd er een offensief ingezet van heb ik me jou daar. De Stormers bleven maar komen, try na try (we zaten ook recht voor de try-line) en ze wonnen uiteindelijk met 58 – 18. Heel het stadion werd gek, wel mooi om mee te maken, en je bedenkt je wel dat voetbal ook maar een pussysport is als je deze jongens door dat gras ziet ploegen.

Gisteren een wijnproeverij tour gedaan samen met Dan en Rosanne. Nou heb ik dus echt totaal geen verstand van wijn, maar lekker was het wel. Beetje ondankbaar dat mensen het terug spuugden in een emmer, dus ik besloot aan het eind om die emmer maar in mn glas te gieten, wel zo sociaal tegenover de brouwer dunkt mij. ‘S avonds nog een heerlijk dinnertje gehad met uitzicht over de bergen, wijngaarden en een meer.

Ik zit nogsteeds te wachten op een dag dat ik me ga vervelen hier.

Ps. De eerste avond was ik (dapper en dom als ik ben) met een mes naar buiten gegaan om te checken waar het geluid vandaan komt. Dat werd toch door alles en iedereen hier afgeraden. Niet gek als je dit artikel leest:

www.demorgen.be/dm/nl/990/Buitenland/article/detail/764623/2009/03/13/Zuid-Afrikaanse-politie-is-2-500-vuurwapens-kwijt.dhtml

Dat is volgens mij een goede rede om binnen te blijven, alhoewel je soms het liefst naar buiten zou rennen om die vent van het dak te sleuren.

maandag 9 maart 2009

Roger roger




Een groot deel van de Afrikaanse cultuur hebben de meeste hier inmiddels wel tot zich genomen, echter er ontbreekte nog een zeer belangrijk deel. Aangezien schietpartijen hier een dagelijkse bezigheid zijn besloten we om met zn allen te gaan paintballen. Ergens in de omgeving van Cape Town was er in de bossen een gebied afgezet waar we elkaar, verdeeld in 2 teams, met op gasdruk werkende geweren en verfkogels te lijf mochten gaan. De paintball kogels zijn ongeveer evengroot als knikkers, en van hard plastic waar binnen in verf zit. Er waren een aantal regels. Je moest je masker altijd ophouden, een bal in je oogkas betekend einde oog. Verder was het ook oa de bedoeling dat je een lange broek droeg, puur ter bescherming van jezelf. Beschermende jassen hadden ze daar (het was gelukkig maar 35 graden). Schieten opelkaar mocht vanaf 8 meter, dit in verband met de lelijke wonden die kunnen ontstaan wanneer je van dichterbij schiet.

Paul (de Canadees) en ik namen het allemaal wel erg serieus en gingen met zn tweeen compleet met handgebaren en tijgeren door het bos. Een andere regel was dat, zodra je geraakt was ("dood"), je je geweer in de lucht moest houden. Nou was je in Paul en mijn beleving niet dood zolang je nog kon staan. Dus schoten we meestal net zolang door tot die gene al vloekend en schreeuwend op de grond ging liggen. Dit werd overigens niet door iedereen gewaardeerd.

Er waren mensen die het bijzonder stoer vonden om toch in een korte broek te gaan paintballen. Nou waren wij zo vrij, dat als zij de lange broek regel aan hun laars lapten, wij de 8 meter regel aan onze laars lappen. Dus de een schoot als een gek op het slachtoffer, van een redelijke afstand. De ander sneakte er omheen, en begon vanaf de achterkant van een meter of 3 / 4 op de debetreffende kuiten te schieten. Ik heb me er prima mee vermaakt, maar er waren wederom mensen die er niet geheel mee instemde.

Inmiddels zit ik al een aantal weken op mijn stage, maar heb er tot op heden nog weinig woorden over gerept. Het bedrijf, Hot Platinum, maakt machines om metalen te gieten. Meest gebruikte metalen zijn platinum, zilver en goud. De machines zijn voornamelijk bedoeld voor de jewellery. Mijn taak hier is om de processen tussen de verschillende afdelingen (planning, productie, inventory) te verbeteren. Aangezien het een zeer jong bedrijf is en het erg snel gegroeid is zijn er nogal wat dingen die er aan schorten. Genoeg werk voor mij dus. Ik begin hier meestal 7 uur in de ochtend, samen met Manu, een Italiaanse juwelier die 3 jaar in India gewerkt heeft en nu zo ‘n 2 jaar in SA woont en werkt. Verder werkt hier ook Gilbert. Een echte Afrikaan, woont in een township en eet een complete kip als lunch (made bai waif, lecka lecka). Hij is dan ook 2 bij 2 en ik noem hem altijd the big 6th (big 5, leeuw, olifant ed. u allen wel bekend natuurlijk!)

Verder hebben we hier ook 2x per week een schoonmaakster op het werk, Nelly. Nou heb ik in heel Afrika, nog nooit iemand gezien die langzamer is dan zij. Echt, je ziet hier soms mensen dat je denk van tering, die is slooooom, maar Nelly kunnen ze serieus beter in Madame Tussauds zetten. Ze sloft stapje voor stapje door het gebouw, leunt op dr bezemsteel om vervolgens voor 5 minuten niet meer te bewegen, en als ze de wc’s schoonmaakt gaat ze er altijd even op zitten om vervolgens voor 20 minuten niet meer naar buiten te komen. Na een hele dag werken zijn dan gelukkig de wc’s schoon ( 2 stuks), is de afwas gedaan (+/- 10 kopjes en 10 schoteltjes) en is de vloer geveegd. Waar zouden we zijn zonder Nelly!

Ik kan verder nog wel inhoudelijk ingaan over mijn afstudeerproject hier, maar denk niet dat veel mensen weten waar ik het dan over heb, laat staan dat het een bere interressant verhaal wordt! Mocht ik er helemaal naast zitten dan kunt u altijd uw vragen stellen in het reactie gedeelte onderaan deze lap tekst!

PS: De balletjes die in je pistool gingen moest je zelf halen en bijvullen. Paul was alleen vergeten zijn klepje dicht te doen, dus toen hij mooi wilde poseren voor de foto rolde al zijn balletjes eruit. De jongen in de witte broek links is dan ook Paul die balletjes aan het rapen is :)